Waternood

Behalve architect bij Fujitsu ben ik ook politiek actief als raadslid (PvdA) in de gemeente Emmen, de plaats waar ik ben geboren en nog steeds woon. Als raadslid schrijf ik wekelijks een blog over zaken die mij politiek bezig houden. Deze verschijnen elke vrijdag op Facebook, maar ik zal ze nu en dan ook hier posten.  

Van oudsher hebben we al het nodige te stellen met water, maar de problematiek is deze zomer wel gekanteld. Ineens hebben we het niet alleen meer over bedreiging door het wassende water langs de kust, maar vooral over de gevolgen van een gebrek aan water – aan zoet water. Na de droogte van de afgelopen zomer hebben we nog steeds te maken met een zeer lage waterstand die voor zeer diverse problemen zorgt. Zo maakte het Kennis Centrum Aanpak Funderingsproblematiek (KCAF) deze week bekend dat het een forse toename ziet in het aantal meldingen van funderingsproblematiek, van een enkele melding in een paar weken tot inmiddels drie meldingen per dag. Anders gezegd: grote delen van ons land zijn aan het verzakken, dankzij die droogte.

Een watertekort in een land dat eeuwenlang heeft gevochten tegen teveel water. Dat is moeilijk te bevatten. Op termijn kan die droogte zelfs gevolgen hebben voor het contigent aan drinkwater dat we hebben. Blijkbaar dringt dat besef pas nu een beetje door. Nee, dat punt hebben we dit jaar niet bereikt. De drinkwatervoorziening is niet in gevaar geweest. Het is echter niet meer ondenkbaar dat we in de toekomst wel met dit fenomeen te maken krijgen. Waterbedrijven – ik voer op dit moment een opdracht uit bij het waterbedrijf Evides in Rotterdam en ik geloof niet in toeval – bereiden zich hier op alle mogelijke manieren op voor.

De vraag die je eigenlijk moet stellen is of schaarste van drinkwater niet altijd een aandachtspunt is geweest. Bedenk dat twee derde van ons aardoppervlak uit water bestaat. Slechts vijf procent van die hoeveelheid water is geschikt als drinkwater. Dat drinkwater is dus per definitie schaars en bovendien zeer onevenredig verdeeld over de aarde. In Nederland gebruiken we gemiddeld per hoofd van de bevolking ruim 115 liter (!) water per dag. Slechts één procent van die liters drinken we daadwerkelijk, de rest gebruiken we onder meer om te douchen (zo’n vijftig liter per douchebeurt), te wassen (vijftien liter) én om ons toilet door te spoelen (per spoeling zo’n vijf liter). Als de hoeveelheid drinkwater dan terugloopt en we passen ons gedrag niet aan, dan ontstaat er mogelijk een probleem.

De zomer is absoluut een wake up-call geweest, zo bleek ook tijdens een bijeenkomst van Water Natuurlijk, de landelijke waterschapspartij. Zij organiseerden afgelopen dinsdag een avond over klimaatadaptatie in Assen. De stelling was duidelijk: we moeten op een andere manier met ons water omgaan. Bijvoorbeeld door regenwater te bufferen tijdens de hoosbuien. Want ondanks de droogte zien we nog een ander fenomeen: hevige regenbuien die toenemen in intensiteit. Steeds vaker lopen straten en pleinen onder na zo’n felle bui. Gemeentes zijn op dit moment druk doende met het samenstellen van zogenaamde WOLK: de Water OverLast Kaart. Op zo’n kaart is duidelijk te zien waar het water zich verzamelt en waar dit mogelijk tot grote problemen kan leiden.

Regenwater kun je bufferen, opslaan. Vervolgens kun je dat water gebruiken voor zaken waarvoor je niet direct drinkwater nodig hebt.  Inderdaad, het aloude principe van de regenton. Mijn opa gebruikte geen drinkwater om de tuin te besproeien, maar regenwater dat hij in de ton opving. Klinkt logisch, toch? Misschien moeten we iedere tuineigenaar in ons land een regenton geven. Ik weet het: we hebben 3,75 miljoen tuineigenaren in dit land. Een regenton kost al snel 100,-, dus dat zou een investering van een slordige 375 miljoen euro zijn. Maar toch… Die tuinen zijn immers van groot belang voor onze waterhuishouding. De huidige trend waarin we alles volplempen met tegels, grind en klinkers – de alom geprezen onderhoudsvrije tuin – heeft direct consequenties voor de waterafvoer. Op die verharding kan het water nu eenmaal niet weg. Laten we die tuin weer promoten en misschien helpt die ton daarin een klein beetje.

Gek idee? Dan is het misschien nog gekker om te bedenken dat gemeenten het hebben van zo’n regenton kan verplichten. Pardon? Jawel. Al sinds 2009 hebben gemeenten de mogelijkheid om het bergen van regenwater verplicht te stellen aan particulieren, een gevolg van de wet op gemeentelijke watertaken. Gemeenten hebben op grond van de Wet milieubeheer een zorgplicht voor de inzameling van stedelijk afvalwater, en op grond van de Waterwet een zorgplicht voor hemelwater en een zorgplicht voor grondwater. Daarin heeft een gemeente sinds een wijziging van die wet in 2008 ruime bevoegdheden.

We gaan nog een stap verder. Waarom zou je het toilet doorspoelen met gezuiverd drinkwater? Je kunt de spoeling verkleinen met een baksteen in de stortbak, maar het gaat ook prima met regenwater. Begin dit jaar deed ik een project bij Robeco, aan het Weena in het hartje van Rotterdam. Daar worden alle toiletten gespoeld met regenwater. Een bewuste keuze van dat bedrijf dat haar huisvesting zo duurzaam mogelijk wilde maken.

Douchen? Kan uitstekend met regenwater, zij het dat je het dan wilt zuiveren. Om regenwater te zuiveren zijn er voor kantoren én woonhuizen speciale installaties verkrijgbaar die in de kern op dezelfde manier werken als grote zuiveringsinstallaties, met UV-filters voor de zuivering en actieve kool om rare smaakjes en geurtjes te verwijderen. Klinkt mooi, maar zoals met alles dat met verduurzaming van woningen te maken heeft, kost dit geld. Een eenvoudige installatie kost al snel zo’n 2500 euro. Bovendien moet je hiervoor speciale leidingen aanleggen. Al met al een flinke investering. Dan is een volgende vraag of we als land bereid zouden zijn om hierin te investeren, bijvoorbeeld met subsidies – dus financiering uit publiek geld. We moeten immers zuinig zijn met ons drinkwater, dus dat mag dan wat kosten.

Eens, zeiden veel mensen afgelopen dinsdag tijdens de bijeenkomst van Water Natuurlijk. Ik dacht op dat moment terug aan een discussie die in de zomer speelde en ging over het plan om de BTW op drinkwater te verhogen. Daar kreeg onze regering de handen niet voor op elkaar. Waterbedrijven schreven brandbrieven: dit was een slecht plan. Die snapte ik. Waterbedrijven moeten dan wel een hoger tarief doorbelasten, maar ze hebben zelf helemaal niks aan die extra ‘inkomsten’. Dat is immers belasting en schuift direct door. Maar behalve de waterbedrijven gingen politici en consumenten de gordijnen in. Met online petities werd betoogd dat je het meest gezonde drankje niet verder moet belasten. Mineraalwater was geen alternatief, want dat zit in plastic flessen en daar willen we juist vanaf.

Allemaal waar, maar toch… ik worstel met dit gegeven zoals de leeuw in het Zeeuwse wapen. Inderdaad, die van ‘luctor et emergo’.

Als we met z’n allen vinden dat we anders om moeten gaan met ons drinkwater, dan zullen we dat verbruik moeten minderen en dat kan alleen als we alternatieven bereikbaar maken op grote schaal. Er zullen ongetwijfeld mensen zijn die vanuit klimaatbesef dergelijke duurzaamheidsinvesteringen willen doen, maar dat kun je niet van iedereen vragen. Dan moet je dat aantrekkelijk maken. Dat kost geld – het is niet anders. Dat geld moet ergens vandaan komen.

Luctor et emergo. We zullen er een oplossing voor vinden, maar één ding is wel duidelijk: waterbeheer wordt elk jaar complexer. Daarom besluit ik deze post met een oproep. In maart 2019 vinden de verkiezingen plaats voor de Provinciale Staten, maar tevens voor de waterschappen. Dat zijn essentiële organisaties voor dat waterbeheer en worden eigenlijk steeds belangrijker.

Ga stemmen op 20 maart. Ook voor ons water.